Sunday, February 19, 2012

A part of history

Het is vijf uur ‘s ochtends en ik zit in een diner (genaamd The Diner) in het Meatpacking District. Naast mij zit Liz. Liz zou die avond naar de verjaardag van Yoko Ono gaan. In een speciaal daarvoor aangeschafte seventies-outfit was zij er helemaal klaar voor. Was inderdaad: even voor vertrek kreeg ze te horen dat haar gastenlijstplek was komen te vervallen. Tegenover ons zit Piril, een Turks hipstermeisje dat aan de New School studeert. Ook aan tafel zitten twee Scandinavische jongens met een kledinglabel die qua ‘hipster or homeless’ gehalte meer naar het laatste neigen. 

Het is kenmerkend voor New Yorkers dat iedereen iets ‘is’ en iedereen iets ‘doet’. Zo kan ik voorspellen dat de serveerster die zo meteen onze French fries komt brengen een ‘actress and singer-songwriter’ is en dat de jongen achter de bar ‘visual artist and movieproducer’ op zijn visitekaartje heeft staan. En dat is ook geheel begrijpelijk: in een stad waarin iedereen op een stukje van de ‘big pie’ aast moet je in twee zinnen kunnen vertellen waar je voor staat en wat je ambities zijn. Voor een vak dat ik hier volg moesten we laatst een presentatie houden over onze professionele identiteit. Zonder blikken of blozen eindigde een klasgenootje (‘designer and architect’) haar presentatie in derde persoon enkelvoud: ‘You’ll better watch out because she’s going to be a part of history!’.

Het is een lange avond geweest. Eerst met een groep gegeten in de Lower East Side (sushi en frozen yoghurt), daarna door met Tjade, Lorin en Leyla naar de Blind Barber. Een rich kids bar waarvan de ingang verborgen is achter een kapperszaak. Vervolgens naar de Jane (een club in een hotel) en daarna nog naar Le Bain, een club op de bovenste verdieping van een wolkenkrabber. Om daarna dus de avond te eindigen in The Diner.

Als ik (‘writer and Media-student’) naar de bar loop om af te rekenen valt mijn oog op het prikbord dat ernaast hangt. Een prikbord zegt altijd veel over een omgeving: in de buurtsuper in Zuid zijn het meestal briefjes van interieurverzorgsters met veel 06 referenties of Oost-Europese klusjesmannen. Op dit prikbord hangen advertenties voor flyerdrukkers (‘Promote your work!’, ‘Get yourself out there!’) en advertenties voor (amateur)therapie. Van de flyerdrukkers zijn een paar telefoonnummers afgescheurd. Van de therapieadvertenties allemaal. 

Ja, de stad kan ook hard zijn. Laatst zag ik een verarmd echtpaar zitten in de Taco Bell. Zij heeft een versleten bontjas aan en hij draagt mocassins met gaten. Een jarenlang dieet van fastfood heeft hun ooit succesvolle uiterlijk veranderd in uitgezakte, moddervette mensen met een verslagen uitdrukking. Ooit waren zij en deden zij ook iets. En nu lukt het ze niet eens meer om een kruimel van de ‘big pie’ te bemachtigen. Terwijl ik hier over nadenk stappen we in de taxi. De zon komt al bijna op.

Wednesday, January 25, 2012

New Amsterdam

En zo begint het wonen in New York langzaam te wennen. Ik heb me de versnelde manier van lopen eigen gemaakt: altijd haast, altijd onderweg naar iets belangrijks. Ben afhankelijk geworden van meeneemkoffie om dit tempo bij te houden. En ben aan het eind van de dag een van die mensen die uitgeteld maar voldaan in de bomvolle metro zit, weer een dag in de M-Machine overleefd.

De uitwassen van de consumptiemaatschappij blijven fascinerend. Party City: tweehonderd vierkante meter aan feestmateriaal. Target: ubersupermarkt met roltrap voor je winkelwagen. Taco Bell: een Amerikaanse interpretatie van de Mexicaanse keuken. De hondensportschool annex crèche. Daar tegenover de slachtoffers van het kapitalisme: de vele daklozen. Bejaarden zijn of heel rijk of lopen met geïmproviseerde looprekken. Gehandicapten zie je vrij weinig. Is dit nou de 'terminal stage of civilization', zoals Rem Koolhaas New York omschrijft?

Genoeg geobserveerd. Wat heb ik allemaal gedaan de laatste tijd? Ik woon in een fantastisch buurtje in Brooklyn. Vanuit mijn raam kijk ik uit op een prachtige rij brownstones. De eerste week de buurt ontdekt. Ook de stad: hipster capital Williamsburg. Brooklyn Bridge. Lower East Side. MoMa bezocht. Tentoonstelling van Catellan in het Guggenheim gezien. Uitgegaan (daar gepraat met een meisje dat naar New York is verhuisd om het te maken als actrice en zangeres, I kid you not). Naar de bios geweest (Almodovar - The Skin I live in) en zo kan ik nog wel even doorgaan. Dit alles samen met de andere UvA-ers met wie ik hier een te gekke tijd heb.

Deze week begonnen met studeren hier. De New School is fantastisch. Ook erg rijk. De faculteiten doen denken aan kantoorgebouwen: een eigen concierge, roltrappen in de bibliotheek, liftbedieningspersoneel. Toch weer die uitwassen van het kapitalisme. Daartegenover is de sfeer hier bijna  Europees: intellectueel, creatief, gericht op participatie in de samenleving. Voor het eerst kijk ik ook echt uit naar een semester studeren. Ik ga een paar literaire vakken volgen (moet komende dagen de Bijbel lezen voor het vak 'Literary Foundations') en probeer in twee vakken van Parsons te komen, een prestigieuze afdeling binnen de New School.

Wilde jullie ten slotte nog bekend maken met het New Yorkse vocabulaire aan de hand van dit filmpje dat ik laatst toegestuurd kreeg. Have a great day!